Column (alle columns)

Walter en Marc Zegveld

De Belgen doen het beter

Gepubliceerd op 21 mei 2003 | (0 reacties) | Ga naar het bijbehorende forumtopic

Imec, gevestigd naast de campus van de Universiteit van Leuven, werkt, als onafhankelijke onderzoeksinstelling, op mondiale basis met een groot aantal partners samen en bewijst met zijn bedrijfsmodel dat fundamenteel en toegepast onderzoek elkaar kunnen versterken. 

Ontwikkeling van nieuwe technologie, zoals micro-elektronica, nanotechnologie en informatie- en telecommunicatietechnologie, maakt nieuwe samenwerkingsvormen noodzakelijk. Belangrijke drijfveren zijn de hoge graad van complexiteit, de multidisciplinaire uitdagingen en het toenemend gebrek aan talent. Nieuwe samenwerkingsmodellen en nieuwe modellen voor rechten op intellectueel eigendom zijn voorwaarden om dergelijke strategische partnerships mogelijk te maken. Imec, Interuniversitair Micro-elektronica Centrum, heeft kans gezien zich te ontwikkelen tot een van de grootste onafhankelijke Europese onderzoekcentra op het gebied van micro-elektronica, nanotechnologie, ontwerpmethoden en technologie voor ict-systemen.

Philips investeert meer geld in onderzoek door Imec dan in de drie Technische Universiteiten van Nederland.

Met het doel de Vlaamse industrie op het gebied van de micro-elektronica te versterken, nam de Vlaamse regering - geïnspireerd door inzicht in het strategisch belang van de micro-elektronica en anderzijds door de hoge investeringen die nodig werden geacht om dit gebied tot ontwikkeling te brengen - in 1984 het initiatief Imec op te richten.

De missie van Imec betreft het uitvoeren van wetenschappelijk onderzoek dat drie tot tien jaar vooruitloopt op de behoeften van het bedrijfsleven. Imec overbrugt zodoende wetenschappelijk onderzoek en industriële behoeften. Wetenschappers kunnen bij het Imec kennis opbouwen in zowel fundamenteel als in toegepast onderzoek dat wordt overgedragen naar de industrie. Het instituut hanteert verschillende vormen van kennisoverdracht zoals samenwerking met meer industriële partners binnen eenzelfde generiek onderzoeksprogramma, het verlenen van licenties voor specifieke toepassingen van bestaande technologie, het oprichten van spin-off bedrijven, generieke of op maat gemaakte opleidingsprogramma’s en het overplaatsen van Imec-experts naar de industrie.

Imec heeft een totaalbudget van ongeveer 140 miljoen euro en een staf van bijna 1300 medewerkers. Meer dan dertig procent van de staf is niet-Belgisch en afkomstig uit meer dan veertig landen. De octrooiportefeuille bevat driehonderd octrooien en groeit met meer dan tien procent per jaar. Imec heeft ongeveer vijfhonderd bedrijven als klant of partner. Van het opdrachtvolume is 44 procent afkomstig uit internationale, bilaterale contracten. Imec ontving in 2002 24 procent van zijn omzet als een dotatie van de Vlaamse regering.

Deze overheidssubsidie is gekoppeld aan het realiseren van bepaalde vooropgestelde doelen: output gedreven financiering dus.

Imec heeft zich ontwikkeld van een organisatie die ‘projecten uitvoert’ naar een organisatie die aan de hand van goed gekozen generieke programma’s onderzoek met en voor een aantal ondernemingen uitvoert. Imec groeide van klantspecifiek toegepast onderzoek naar fundamentele onderzoeksprogramma’s die aansluiten bij de behoefte van een specifieke groep van klanten.

De ontwikkeling en keuze van deze programma’s is gebaseerd op een combinatie van domeinen waarin Imec excelleert alsmede op de te verwachte toekomstige behoeften van zijn klanten.
Veel marktpartijen realiseren zich dat het exclusief recht op een generieke technologie niet zinvol is gelet op de hoge kosten van technologieontwikkeling en de snelle evolutie van nieuwe technologieën, en raken liever in de vroege voorfase van technologieontwikkeling betrokken, waardoor het via deze ontwikkelingen met meer ondernemingen mogelijk is kosten, risico’s en talent te delen.

Tevens biedt dit het bijkomend voordeel dat de tijd van ontwikkeling naar markt wordt verkort door het sneller opbouwen van voldoende kennis en kritische massa.

Door zich primair te concentreren op het ontwikkelen van technologie in de precompetitieve fase is het mogelijk de ontwikkelde kennis ook elders binnen Imec of voor de locale industrie in te zetten. Zo ontstaat een mechanisme waarin meer ondernemingen als partner kunnen worden aangetrokken en specialisatie binnen Imec kan plaatsvinden, zodat kosten, risico en talent nog beter worden gedeeld.

Imec differentieert vier vormen van intellectueel eigendom. Ten eerste het intern onderzoek dat Imec met eigen middelen voert en dat het exclusieve eigendom is van Imec. Dit dient doorgaans als basis, achtergrond informatie, voor latere samenwerking met derden of als basis voor het oprichten van spin-off bedrijven. Ten tweede niet exclusief mede-eigendom van generieke precompetitieve technologie bij Imec en de samenwerkingspartners. Ten derde het exclusief eigendom van een specifieke toepassing van de precompetitieve technologie bij Imec op de specifieke bedrijfsomgeving van een van de samenwerkingspartners, en ten vierde het exclusief eigendom van een specifieke toepassing die door een van de industriële partners is ontwikkeld binnen de onderzoeksinfrastructuur van Imec, zonder directe tussenkomst van Imec-onderzoekers.

De missie van Imec, wetenschappelijk onderzoek dat drie tot tien jaar vooruit loopt op industriële toepassing, is slechts mogelijk onder vier voorwaarden.

1.  Imec moet goed inzicht hebben in de toekomstige behoeften van het bedrijfsleven. De beste weg voor het verkrijgen van een dergelijk inzicht is een wereldwijd relatienetwerk.

2.  Imec moet de juiste windows of opportunity kennen, te weten de termijn waarop de onderzoekresultaten naar de markt kunnen worden gebracht om een optimale marktwaarde voor dergelijke kennis ter verwerven.

3.  Voldoende kritische massa moet aanwezig zijn. Met als gevolg de dwang tot een snelle internationalisatie, omdat Vlaanderen geografisch te klein is om deze strategie met succes uit te voeren.

4.  De internationale aantrekkingskracht moet groot genoeg zijn om voldoende internationaal talent aan te trekken.

Met zijn strategie blijkt Imec in staat zich zowel te ontwikkelen tot internationale speler als tot het spelen van een belangrijke rol voor de industrie in Vlaanderen. De kloof tussen fundamenteel onderzoek en toegepast onderzoek heeft Imec met zijn bedrijfsmodel weten te overbruggen.

Walter en Marc Zegveld

Prof. ing. Walter Zegveld is ex-hoofddirecteur TNO, ex-hoogleraar Interuniversitair Instituut Bedrijfskunde Delft en Economische Faculteit VU Amsterdam. Hij is commissaris of bestuurslid van private en publieke ict-instellingen.

As a partner at TVA developments Marc A. Zegveld is responsible for the development of corporate startegies of major and complex companies. Most of the customers of TVA developments are listed on the Amsterdam Stock Exchange. He also teaches as a part time associate professor corporate strategy at the Delft University of Technology. Marc is married and has two children.

Walter en Marc schrijven columns voor Het Financieele Dagblad. Higherlevel.nl ontvangt hiervan een afschrift. Indien deze relevant is voor jonge innovatie ondernemers en geïnteresseerden in deze doelgroep, zal de  column worden geplaatst.

Meer columns door Walter en Marc Zegveld

Er zijn nog geen reacties

Om een reactie te plaatsen moet je ingelogd zijn

Laatste Higherlevel.nl column

‘Doe het zelf ondernemingsplannen’ zetten een starter op het verkeerde been!

Jos Janssen

Door Jos Janssen (24 reacties)

Ik zag ik er weer een voorbij komen hier op Higherlevel. Een ondernemer in spe die met veel energie een prachtig ondernemingsplan in elkaar gezet heeft met een van de...

 
Lees deze column | Bekijk alle columns

Ontmoet offline andere HL-leden!

Bitterballenborrel Haarlem ChocOase 24 mei 2012
24 mei 2012, 1 HL-lid aanwezig

Finale Egeria Jonge Ondernemersprijs
6 juni 2012, 1 HL-lid aanwezig

 

Partners

Higherlevel.nl is ook te vinden op de sites van onze partners:


Higherlevel.nl wordt gefinancierd door:

empowered by Ministerie van Economische Zaken