Over het aantal uren: art. 7:610 BW kent geen minimum. De drie kenmerken zijn persoonlijke arbeid, loon en gezag, en een korte opdracht onder gezag is juridisch nog steeds een opdracht onder gezag. Weinig uren maakt de kans op een controle misschien kleiner, maar niet de uitkomst anders. Waar uren wél tellen is de fictieve dienstbetrekking voor gelijkgestelden (meestal twee of meer dagen per week en minstens twee vijfde van het minimumloon), en die kun je samen schriftelijk uitsluiten vóór de eerste betaling. Als je freelancers echt weinig dagen maken, zit je daar al onder. Wat wel telt in jouw voorbeeld is het onderscheid tussen veiligheidsvoorschriften en werkgeversgezag. Dat een freelancer gekeurd materiaal moet gebruiken en zich aan de rigging-volgorde en de leiding op de bouwplaats houdt, geldt voor iedereen op die locatie, ook voor een ingehuurd bedrijf met eigen personeel. De vraag die de Belastingdienst stelt is of jij daarbovenop bepaalt hoe hij zijn werk doet, of hij zich mag laten vervangen, of hij ook voor anderen werkt en of hij eigen risico draagt. Dat zijn de punten waar je het verschil kunt laten zien, niet de helm. Twee dingen die sinds dit topic zijn veranderd en die ik nergens in de reacties zag: Vanaf 1 januari 2026 kan de Belastingdienst bij schijnzelfstandigheid ook vergrijpboetes opleggen. In 2025 kon dat nog niet, alleen correctieverplichtingen en naheffing. Verzuimboetes komen er in 2026 nog niet (bron: belastingdienst.nl, pagina "Arbeidsrelaties en handhaving"). En de Belastingdienst vraagt opdrachtgevers expliciet om na de start regelmatig opnieuw te toetsen, omdat "de manier waarop u samenwerkt in de loop van de tijd kan veranderen". Een freelancer die in januari drie dagen kwam bouwen en in september elke week op de planning staat, is een andere relatie geworden zonder dat er een handtekening is gezet.